Fanfare
Ik kijk naar buiten
ret-te-ke-tet
pats-boem
tut-e-re-tuut
pats-boem
ting-ge-le-ring
pats-boem
rom-mer-de-bom
pats-boem
de fanfare kwam langs
|
Klaagzang van een versleten stoel
Ik voel me rot
in m’n rug en in m’n poten
had ik maar meer genot,
dan voelde ik me niet zo klote
|
Shit…het regent
Stralende gezichten
zien sterren fonkelend
aan de hemel staan
sombere gezichten
zien wolken dreigend
aan de hemel staan
dat is de invloed
van de natuur
op het mens’lijk humeur
shit…het regent
|
Zo jong nog maar
Slechts
zes mooie jaren jong,
ouder
mocht je niet worden
je
stond nog maar net in het leven
en
nu is het al voorbij
nog
hoor ik je heldere lach
weerkaatsend
tegen de muren
vrolijkheid
is wat je gaf
nog
lang zal ik dat horen
vechtend
tegen een oneerlijk lot
jouw
strijd was ongelijk
winnen
kon je het nooit
daarin
berusten is zo moeilijk
slechts
zes mooie jaren jong
waarom
moest het zo zijn ?
is
de wereld dan niet eerlijk ?
en
nu is het voorbij………..
|
Zoekend in de regen
Hier loop ik door de regen,
denk alleen maar aan jou
wat wil ik, wat moet ik nou,
waarom kom ik je niet tegen?
hier loop ik door de regen,
op zoek naar ik weet niet wie
en ieder meisje dat ik zie
kijk ik aan, heel verlegen
hier loop ik door de regen,
Op zoek naar wie, naar jou?
wat wil ik, wat moet ik nou,
waarom kom ik je niet tegen?
hier loop ik door de regen,
op zoek naar iemand, op zoek naar jou
dat is wat ik je zeggen zou,
ach, kwam ik je maar tegen
|
Jezietmeniet
Aan
de oever tussen het ranke riet
verschuilt
zich de “Jezietmeniet”
in
de dampende mist boven het rimpelloze water
weerkaatst
zijn altijd vrolijke en heldere gesnater
door
niets en niemendal voelt hij zich bespied,
want
immers waar je ook kijkt, je ziet hem niet
|
Jehoortmeniet
Aan
de waterkant verscholen in het dichte riet
bevindt
zich ’s morgens vroeg de “Jehoortmeniet”
in
de dampende mist boven het rimpelloze, vlakke water
hoort
niemand zijn altijd tragisch en weemoedig gesnater
moedeloos
vereenzaamt hij in het prille ochtendgloren ,
want
immers, wat hij ook doet, je kunt hem niet horen
|
De “Ikbenerniet”
Een vrolijke “Ikbenerniet”
liep fluitend door het dichte riet,
hoorde twee lesbische vissen praten
gelukkig hadden ze niets in de gaten
hij hoorde hen verlangend zuchten
naar iemand om hen te bevruchten,
kroop van schrik dichter in het riet
en dacht “o jee ik ben er niet”
|
Samen in het riet
Een eenzame “Jezietmeniet”
zat
lonkend in het riet
turend
naar een leuke vogeltjesgriet
maar
horen deed hij haar niet
een
moedeloze “Jehoortmeniet”
zat
koerend in hetzelfde riet
hoorde
wel een vogeltjespiet
maar
zien deed ze hem niet
een
relatie lag dus niet in het verschiet
hoezeer
dat hen beiden ook verdriet
dus
ondanks alles is dit vogelrijke riet
toch
een heel slecht broedgebied
|
Eendagsvlieg
Gisteren…..?
was
ik er nog niet
vandaag….?
ben
ik alles
morgen….?
ben
ik er niet meer
|